Bachelor Commerciële Economie 2021-2022
Bachelor Commerciële Economie
34402
OER 2021-2022
Academie voor Commerciële Economie
1 Leeswijzer
De OER begint met een begrippenlijst waarin de belangrijkste zaken die betrekking hebben op de onderwijs- en tentamenprogramma’s gedefinieerd worden.
Vervolgens bestaat de OER uit twee delen:
In Deel 1 staan regels die voortvloeien uit de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW), het beleid van Zuyd Hogeschool en het beleid van de opleiding. Het gaat hierbij om regels over hoe het opleidingsprogramma in elkaar zit, regels voor tentamens en examens en wat je van de instelling mag verwachten rond deze zaken. Per hoofdstuk moeten deze regels antwoorden geven op de volgende vragen:
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen.
- Voor wie geldt de OER?
- Waarvoor kun je terecht bij de examencommissie en hoe kun je ze bereiken?
- Wat kun je doen als je een bezwaar of klacht hebt?
- Wat kun je doen als je in beroep wilt gaan tegen een besluit op basis van de OER?
Hoofdstuk 2 De opleiding.
- Waartoe word je opgeleid (opleidingsprofiel) en welke doelen horen daarbij?
- Waar kun je vinden of je toelaatbaar bent tot de opleiding?
- Welke varianten en afstudeerrichtingen heeft de opleiding?
- Welke taal wordt gehanteerd in de opleiding?
- Welke (extra) kosten zijn er verbonden aan de opleiding en wat zijn je rechten als je niet in staat bent om deze te betalen?
Hoofdstuk 3 Onderwijs.
- Wanneer starten de onderwijsactiviteiten?
- Welke regels gelden voor minoren, keuzeonderwijs en externe opdrachten?
- Wat zijn praktische oefeningen en welke regels gelden daarbij?
- Wat kun je doen als je je propedeusediploma nog niet hebt gehaald, maar wel al aan de postpropedeutische fase wilt beginnen?
- Wat moet je doen als onderdelen uit een oud programma niet meer worden aangeboden, terwijl je de studiepunten daarvan nog niet hebt gehaald?
- Welke specifieke regels gelden er voor een eventuele duale- of deeltijdvariant?
Hoofdstuk 4 Inrichting tentamens en examens.
- Hoe vaak kun je een tentamen herkansen en wanneer heb je recht op een herkansing?
- Welke regels gelden als je tentamens wilt doen die niet bij je opleiding horen?
- Wanneer geldt er aanwezigheidsplicht?
- Wanneer heb je een tentamen of examen gehaald en hoe komen beoordelingen tot stand?
- Wanneer kun je vrijstellingen krijgen en wat moet je daarvoor doen?
- Hoe worden de tentamens georganiseerd en wat zijn de regels voor inschrijving voor tentamens?
- Wat zijn je rechten met betrekking tot inzage van tentamens?
- Hoe zit het met de bewaring van tentamenresultaten?
- Wanneer heb je recht op bijzondere voorzieningen en wat moet je doen om die te krijgen?
- Wat zijn de regels met betrekking tot fraude en onregelmatigheden?
- Wanneer is er sprake van overmacht?
Hoofdstuk 5 Studieloopbaanbegeleiding, studievoortgang en studieadvies.
- Wat is er geregeld voor SLB
- Hoe wordt je studievoortgang bewaakt en hoe krijg je daar zicht op?
- Wat zijn de regels en normen voor het (bindend) studieadvies?
Hoofdstuk 6 Getuigschriften en verklaring.
- Wanneer krijg je een getuigschrift of een verklaring?
- Wat staat er in een getuigschrift of verklaring?
- Wanneer krijg je een ‘cum laude’ vermelding op je getuigschrift?
Hoofdstuk 7 Slotbepalingen-vaststelling & wijziging-evaluatie.
- Wat als je belang onevenredig wordt geschaad bij toepassing van de OER of als er onvoorziene omstandigheden optreden?
- Wat is er geregeld rond vaststelling, wijziging en evaluatie van de OER?
Deel 2 bevat het onderwijs-en tentamenprogramma. In hoofdstuk 1 van deel 2 wordt per variant en per afstudeerrichting en per blok alle informatie over de inrichting van het onderwijs en de tentamens verstrekt. Daarnaast bevat deel 2 informatie over het jaarrooster en de indeling in blokken, de tentamenregeling en studieloopbaanbegeleiding.
2 Begrippenlijst
In deze regeling wordt verstaan onder:
Academie
Een organisatie-eenheid binnen Zuyd Hogeschool, waarin één of meerdere teams van medewerkers samenwerken aan één of meerdere verwante opleidingen.
Academieraad
De Academieraad is een medezeggenschapsraad op academieniveau en bestaat uit studenten en docenten in gelijke geledingen. De Academieraad voert ook de taken en bevoegdheden van de opleidingscommissie uit. Voor meer informatie zie het "Reglement voor de deelraden en dienstenraad van Zuyd Hogeschool" en de "Regeling Opleidingscommissies". [Art. 10.25 WHW]
Afstudeerrichting
Een door de directeur vastgestelde leerroute bestaande uit een samenhangend geheel van postpropedeutische onderwijseenheden. De afstudeerrichting wordt vermeld op het getuigschrift.
Assessment
Een beoordelingsinstrument of een set beoordelingsinstrumenten voor de toetsing van competenties c.q. gestandaardiseerde procedures die het mogelijk maken competenties vast te stellen.
Associate Degree
Een Associate degree (Ad) is een aparte graad die het hbo kan verlenen bij het succesvol doorlopen van een tweejarig programma. Ad’s zijn eigenstandige opleidingen binnen het Nederlandse hoger onderwijsbestel.
Bacheloropleiding
Een hbo-opleiding waaraan de graad 'bachelor' is verbonden. De student die met goed gevolg het afsluitend examen heeft afgelegd, ontvangt deze graad. Aan de graad wordt voor iedere opleiding een toevoeging gehanteerd die door het College van Bestuur is vastgelegd. [Art. 7.3 en 7.3-a WHW]
Blokperiode
Een blokperiode is één van de vier termijnen die een studiejaar omvat. Deze perioden hebben een vergelijkbare studielast. Voorafgaande aan een studiejaar worden de dagen waarop de onderscheiden blokperioden starten door het College van Bestuur vastgelegd.
CMR
De Centrale Medezeggenschapsraad. In deze raad hebben medewerkers en studenten van Zuyd in gelijke geleding zitting. De CMR heeft informatie- en initiatiefrecht en advies- en instemmingsbevoegdheid bij de besluitvorming van het College van Bestuur. Voor meer informatie zie het "Reglement voor de Centrale Medezeggenschapsraad van Zuyd Hogeschool". [Art. 10.17 WHW]].
College van Beroep voor de Examens
Het College van Beroep voor de Examens (CBE) is een officieel beroepsorgaan bij Zuyd Hogeschool. Je kunt bij dit college terecht als je het niet eens bent met een bepaalde beslissing die genomen is door de examencommissie, een examinator, een directeur of een opleidingsmanager. Meer informatie staat in de Regeling college van beroep voor de examens, Zuyd Hogeschool. [Art. 7.60-63 WHW]
College van Bestuur
Het College van Bestuur (CvB) is belast met het dagelijks bestuur van de hogeschool en is integraal eindverantwoordelijk. Het College van Bestuur bestaat uit drie leden in een collegiaal bestuursmodel met verdeling van taken in portefeuilles. De taken en bevoegdheden zijn vastgelegd in het Bestuurs- en beheersreglement Zuyd Hogeschool. [Art. 10.2 WHW]
Contactuur
Een ingeroosterd uur waarin er sprake is van feitelijk contact tussen een student of een groep van studenten en één of meer docenten. Daarnaast kan het ook betrekking hebben op de uren die op basis van afspraken tussen student(en) en docent(en) tot stand komen als in de OER is vastgelegd dat deze mogelijkheid er is. Onder een uur wordt hier een klokuur verstaan.
CROHO
Centraal Register Opleidingen Hoger Onderwijs waarin alle opleidingen zijn vermeld, die een getuigschrift hbo-onderwijs plus daarbij behorende graad opleveren aan afgestudeerden. [Art. 6.13 WHW]
Deeltentamen
Een meting waarvan het cijfer bijdraagt aan het cijfer voor het tentamen waar het onderdeel van uitmaakt. In de OER is vastgelegd wat de wegingsfactor van elk deeltentamen is. In Osiris worden deeltentamens ‘toets’ genoemd.
Deeltijdopleiding
De opleiding die zodanig is ingericht, dat de student naast het verrichten van onderwijsactiviteiten ook andere werkzaamheden kan verrichten. Deze werkzaamheden kunnen in de vorm van vrijstellingen EC’s opleveren. Het is ook mogelijk dat ze als onderwijseenheden worden aangemerkt als ze voldoen aan eisen die door de Examencommissie zijn vastgesteld.
Diplomasupplement
Een gestandaardiseerde bijlage met relevante gegevens over de studieloopbaan die toegevoegd is aan het getuigschrift/diploma. De bijlage is gebaseerd op het model dat door de Europese Commissie, de Raad van Europa en CEPES, de onderwijsafdeling van de UNESCO is ontwikkeld.
Directeur
De persoon die als directeur verantwoordelijk is voor een of meerdere academies.
Duale opleiding
Opleiding die zodanig is ingericht dat het volgen van onderwijs gedurende één of meer perioden wordt afgewisseld met beroepsuitoefening in verband met dat onderwijs. De opleiding bestaat dan uit een onderwijs- en een werkdeel. Het werkdeel is onderdeel van het onderwijsprogramma van de opleiding en kan dus studiepunten opleveren. [Art. 7.7 WHW]
EC
European Credit, een eenheid die gemiddeld 28 uren studielast representeert. Deze studielast heeft niet alleen betrekking op de contacttijd, maar ook op (deels) onbegeleide studieactiviteiten zoals werken in een project of zelfstudie. Een EC is hetzelfde als een 'studiepunt'. Als je een tentamen hebt gehaald krijg je het aantal EC dat volgens deel 2 van deze OER bij het desbetreffende studieonderdeel hoort. [Art 7.4 lid 1 WHW]
Eindwerk
Een bewijs of product dat aantoont dat de student één of meer eindkwalificaties heeft gerealiseerd. Het kan hier om scripties, stageverslagen, kunstwerken, voorstellingen etc. gaan. Als alle eindwerken voldoende zijn beoordeeld heeft een student aangetoond dat hij het eindniveau heeft gerealiseerd. Een eindwerk is altijd een onderwijseenheid.
Ervaringscertificaat
Het certificaat waarin wordt vermeld welke competenties iemand heeft aangetoond, gemeten aan de hand van een specifieke landelijk erkende standaard, wat het niveau van die competenties is en waarmee die competenties zijn aangetoond.
Examen
Dit is de afsluiting van een opleiding of een deel daarvan. Bij bacheloropleidingen is er een propedeuse- en een afsluitend examen. Master- en Associate degree opleidingen kennen alleen een afsluitend examen. "Examen" is een formele term in het hoger onderwijs en dient niet verward te worden met "tentamen" of "toets".
Examencommissie
De examencommissie is het orgaan dat borgt dat degene die het examen met goed gevolg heeft afgelegd, beschikt over de kennis, het inzicht en de vaardigheden zoals vastgelegd in de OER. De examencommissie stelt vast of het examen is gehaald, door te onderzoeken of alle bijbehorende tentamens zijn gehaald. [Art. 7.8 en 7.10 WHW]
Examinator
Een door de Examencommissie aangewezen persoon die tentamens afneemt en de uitslag daarvan vaststelt. [Art. 7.12c WHW].
Externe opdracht
Een verzoek van een andere rechtspersoon dan Zuyd Hogeschool aan een of meer opleidingen van de hogeschool gericht op de uitvoering van een opdracht door een student of groep studenten. De directeur beschikt over een bindende aanwijsbevoegdheid voor de uitvoering van deze opdracht, met inachtneming van de bevoegdheden van de Examencommissie.
Extra kans
Een kans op een extra tentamen die toegewezen kan worden aan een student buiten de regulier geplande tentamens/hertentamens.
Geschillenadviescommissie
De Geschillenadviescommissie is een officieel bezwaarorgaan binnen Zuyd Hogeschool. Bij de Geschillenadviescommissie kun je bezwaar maken tegen een besluit van een directeur, de opleidingsmanager of het College van Bestuur, bijvoorbeeld over je inschrijving, het college- of cursusgeld of het verlenen van een graad. Voor meer informatie zie de "Regeling Geschillenadviescommmissie Zuyd Hogeschool". [Art. 7.63-A WHW]
Getuigschrift
Het door een Examencommissie afgegeven bewijsstuk, dat het propedeutisch examen of het afsluitend examen van een opleiding met goed gevolg is afgelegd. [Art. 7.11 WHW]
Jaar van inschrijving
Het tijdvak vanaf dag van inschrijving voor een opleiding tot aan het einde van de twaalfmaandse periode waarin je onafgebroken staat ingeschreven. In de meeste gevallen zal dit van 1 september tot en met 31 augustus van het daaropvolgend jaar zijn. Je inschrijving kan echter ook op een ander moment starten, waardoor de einddatum ook anders zal zijn, maar wel steeds op het einde van de twaalf maanden die volgen op de datum van inschrijving.
Keuze-onderwijs
De verzameling onderwijseenheden van een opleiding, die voor de student de mogelijkheden biedt om eigen competentie-accenten te kiezen in zijn opleiding.
Learning agreement
Overeenkomst tussen student en Examencommissie waarin afspraken over diens buitenlandse leeractiviteiten worden vastgelegd door de betrokken onderwijsinstellingen én conform de richtlijnen van het ECTS-systeem.
Leerroute
De onderwijseenheden waarin je tentamens wenst af te leggen om de competenties behorend bij de opleiding te verwerven. Soms ligt de volgorde van de onderwijsroute (deels) vast, maar dat hoeft niet (zoals bij een flexibele leerroute). Als je een van deze OER afwijkende leerroute wil volgen, is toestemming van de Examencommissie noodzakelijk.
Leerwerkovereenkomst
Overeenkomst tussen een student en directeur van de opleiding waarvoor hij staat ingeschreven en de organisatie waar deze student het praktijkdeel van de opleiding doorloopt. De leerwerkovereenkomst bevat concrete bepalingen over de externe leeractiviteiten binnen de leerroute van de student en heeft een vooraf overeengekomen duur.
Loket Rechtsbescherming
Dit loket zorgt voor de afhandeling van klachten of een beroep.
Major
De kern van onderwijseenheden van een opleiding, waarin alle studenten tentamens moeten afleggen om de competenties te bezitten die nodig zijn voor het behalen van een getuigschrift.
Masteropleiding
Een opleiding, die bij voltooiing de graad Master aan de student verleent. [Art. 7.3 WHW]
Mentor
Zie studentbegeleider.
Minor
Keuzeonderdeel van 15 EC. Zie ook Zuyd-minor.
Onderwijseenheid
Een deel van een opleiding waar altijd één tentamen aan gekoppeld is. Omgedraaid heeft een tentamen ook altijd betrekking op één onderwijseenheid. In een onderwijseenheid kunnen meerdere onderwijsactiviteiten plaatsvinden. Ook is er altijd een studielast gekoppeld aan een onderwijseenheid die uitgedrukt wordt in 'EC'. Een onderwijseenheid kan betrekking hebben op een praktische oefening. Bij Zuyd hogeschool wordt het aantal EC voor een onderwijseenheid altijd uitgedrukt in gehele getallen. Een onderwijseenheid staat in Osiris gelijk aan het begrip 'cursus'.
Onderwijsinstelling
Een instelling voor hoger onderwijs zoals bedoeld in de WHW Artikel 1.1g
Opleiding
In deze OER wordt met 'opleiding' altijd een in het Centraal Register Opleidingen Hoger Onderwijs (CROHO) opgenomen opleiding bedoeld. [Art. 7.3 WHW]
Opleidingscommissie
Conform de Wet op het Hoger Onderwijs en het Wetenschappelijk Onderzoek moet voor elke opleiding of groep van opleidingen een opleidingscommissie ingesteld worden, bestaande uit studenten en docenten. Deze commissie heeft tot taak te adviseren over het bevorderen en waarborgen van de kwaliteit van de opleiding. De opleidingscommissie heeft adviesrecht en instemmingsrecht op verschillende onderwijsgerelateerde onderwerpen, waaronder de OER. Bij Zuyd Hogeschool zijn er geen aparte opleidingscommissies, maar maken deze integraal deel uit van de academieraden. [Art.9.18 WHW]
Postpropedeutische fase
De fase van de bacheloropleiding die volgt op de propedeutische fase en die wordt afgesloten met een afsluitend examen. Associate Degree- en masteropleidingen kennen geen indeling in een propedeutische en postpropedeutische fase.
Praktische oefening
Dit is een oefening die gericht is op het verwerven van praktische beroepsvaardigheden. Het is altijd een ingeroosterde onderwijsactiviteit die alleen onder begeleiding van één of meerdere docenten kan plaatsvinden. Het beoogde leereffect van een praktische oefening kan alleen bereikt worden als een student deelneemt aan de onderwijsactiviteit en moet tijdens de bijeenkomst(en) worden waargemaakt. Daarom kan aanwezigheid voorwaardelijk gesteld worden om deel te nemen aan het bijbehorende (deel)tentamen.
Profileringsruimte
De tot maximaal 120 EC's beperkte ruimte van de leerroute van een student die naar eigen inzicht kan worden ingevuld met een of meer Zuyd-minoren, een of meer andere minoren of keuze-onderwijs, waaronder ook projecten, van de eigen opleiding. Een opleiding bestaat uit een major plus profileringsruimte.
Propedeutische fase
De eerste fase van een bacheloropleiding die wordt afgesloten met het propedeutisch examen. Het behalen van het propedeutisch examen kan voorwaardelijk zijn voor toelating tot de postpropedeutische fase. De propedeutische fase omvat altijd de eerste 60EC van de opleiding. Ze is zodanig ingericht dat studenten inzicht krijgen in de inhoud van de bacheloropleiding.
Regeling Onderwijsbevoegdheden
De Regeling Onderwijsbevoegdheden beschrijft de verdeling van onderwijsbevoegdheden - inzake de uitvoering van het onderwijs - tussen de verschillende functionarissen binnen de academies, domeinen en op centraal niveau. Denk hierbij aan het vaststellen van de OER, het toekennen van vrijstellingen en het uitreiken van getuigschriften.
Studentbegeleider
De medewerker die de studievoortgang van de student bewaakt en de student hierin ondersteunt en begeleidt.
Studentendecaan
De medewerker die aan studenten raad geeft en hen voorlicht in studie- en studentaangelegenheden. Ook begeleidt en bemiddelt de studentendecaan bij persoonlijke problemen van materiële en immateriële aard.
Studieadvies
Het advies over het al dan niet voortzetten van de studie. Bij een voltijds bacheloropleiding wordt dit advies in het eerste jaar van de propedeutische fase aan de student gegeven. Bij een voltijds associate degree opleiding wordt het advies aan het einde van het eerste jaar van inschrijving gegeven. Bij deeltijd en duale opleidingen wordt het advies aan het einde van het programma dat bij de eerste 60 EC van de opleiding hoort gegeven. Dat kan ook na het eerste jaar van inschrijving zijn. Aan dit advies kan een afwijzing zijn verbonden. Master opleidingen kennen geen studieadvies. Meer informatie is te vinden in de Regelingen Studie-advies Zuyd Hogeschool voor de bachelors en Associate degrees.
Studiejaar
Het tijdvak dat begint op 1 september en eindigt op 31 augustus van het daaropvolgende jaar. [Art. 1.1 WHW]
Studielast
Het genormeerde gemiddelde tijdsbeslag voor studenten van elke opleiding en van elke onderwijseenheid uitgedrukt in hele EC’s. De studielast van onderwijseenheden is vastgelegd in de OER. [Art. 7.4 WHW].
Studieloopbaanbegeleider
Zie studentbegeleider.
Studieplan
Een route van onderwijseenheden, die een student overeenkomt met zijn studentbegeleider om het afsluitend examen af te leggen. Deze route kan wat volgorde betreft afwijken van het reguliere programma.
Studiepunt
Zie 'EC'.
Tentamen
Een onderzoek naar kennis, inzicht, houding en vaardigheden van de kandidaat. Hieronder valt ook de beoordeling van de uitkomsten van dat onderzoek. Aan elke onderwijseenheid is één tentamen verbonden. De resultaten van tentamens zijn in Osiris als ‘cursusresultaat’ zichtbaar. Een tentamen kan uit meerdere deeltentamens ('toetsen' in Osiris) bestaan.
Verkorte variant
Een traject waarmee een student in minder dan 4 jaar, maar met een studielast van 240 EC, de bachelorgraad van de opleiding kan halen. Een student die een verkorte variant doorloopt moet te allen tijde naar een regulier traject van 4 jaar kunnen overstappen.
Versnelde variant
Een traject waarmee een student met een studielast van 180 EC, zonder dat daar vrijstellingen voor nodig zijn, de bachelorgraad van de opleiding kan halen. De versnelde variant is gericht op studenten met een VWO diploma. [Art. 7.9a WhW].
Voertaal
De taal van een opleiding, of van onderdelen van een opleiding, waarin het onderwijs wordt aangeboden, waarin het tentamen of examen wordt afgenomen en waarin het onderwijsmateriaal wordt aangeboden.
Voorziening
Maatregel getroffen door een daartoe bevoegde medewerker of bevoegd orgaan van de hogeschool om de student in een dienst/service te voorzien met het doel de studievoortgang te ondersteunen of te begeleiden.
Vrijstelling
Gehele of gedeeltelijke ontheffing van de plicht tot het afleggen van een tentamen om te voldoen aan inschrijvings- of toelatingsvoorwaarden en/of verkrijgen van studiepunten inzake het afleggen van het propedeutisch of afsluitend examen.
Werkdag
Werkdagen zijn de weekdagen maandag tot en met vrijdag. Een algemeen erkende feestdag of een door de overheid erkende nationale feestdag wordt niet als werkdag gezien.
WHW
De Wet op het Hoger Onderwijs en het Wetenschappelijk Onderzoek [Staatsblad 1992 nr. 593], inclusief latere aanvullingen en wijzigingen.
Zuyd Minor
Minor van 15 EC’s die als zodanig is benoemd en toegankelijk is voor de studenten van minimaal twee opleidingen.
3 DEEL 1
4 Algemene bepalingen
4.1 Reikwijdte
lid 1
Deze onderwijs- en examenregeling geldt voor alle studenten en extranei die ingeschreven staan voor de opleiding Bachelor Commerciële Economie met Isat-code (code in CROHO) 34402.
lid 2
Er
kunnen geen rechten ontleend worden aan Onderwijs- en Examenregelingen (OER)
van voorgaande jaren. Uitzonderingen hierop gelden voor specifieke regelingen
als deze in de overgangsmaatregelen worden genoemd in artikel 3.9.
4.2 Examencommissie, taken en bevoegdheden
Lid 1
De
Examencommissie stelt vast of je over de in deze OER beschreven kennis,
inzichten en vaardigheden beschikt om de graad te krijgen die voor deze
opleiding geldt.
Lid 2
Je kunt je tot de Examencommissie wenden voor een verzoek om:
- vrijstelling te krijgen voor één of meer tentamens;
- vrijstelling te krijgen voor de deelname aan een praktische oefening, met behoud van toestemming om het bijbehorende tentamen te doen. De examencommissie heeft dan wel de mogelijkheid om vervangende eisen te stellen;
- een tentamen te mogen afleggen waarvan je niet aan de ingangseisen voldoet;
- toegelaten te worden tot varianten/leerroutes waarvoor toestemming van de Examencommissie nodig is;
- de geldigheidsduur van een tentamen of deeltentamen te verlengen, dat je met goed gevolg hebt afgelegd;
- een minor te volgen, die niet in de lijst van minoren is opgenomen waarvoor je op basis van de opleiding die je volgt zonder meer wordt toegelaten;
- een extra herkansing af te leggen;
- voorzieningen en aanpassingen omdat je een functiebeperking of chronische ziekte hebt;
- studiefaciliteiten omdat je topsport beoefent;
- af te wijken van deze Onderwijs- en Examenregeling, als je kunt aantonen dat de toepassing daarvan een onredelijk effect zou hebben.
Lid 3
De Examencommissie is bereikbaar via examencommissie.ce@zuyd.nl. verzoeken zoals vermeld in lid 2 dienen ingediend te worden via Osiris Zaak..
4.3 Beroep, bezwaar en klachtrecht
Lid 1
Zuyd Hogeschool heeft een Loket Rechtsbescherming. Dit loket is bereikbaar via de mail (rechtsbescherming@zuyd.nl). In lid 2 tot en met 5 staat beschreven voor welke zaken je bij het loket terecht kunt en wat je rechten dan zijn.
Lid 2
Als je het niet eens bent met een beslissing die de directeur, opleidingsmanager of Examencommissie heeft genomen op grond van deze OER, dan kun je beroep aantekenen via het Loket Rechtsbescherming (zie lid 1). Je beroep wordt behandeld door het College van Beroep voor de Examens. Hierbij gelden de regels uit het Reglement College van Beroep voor de Examens Zuyd Hogeschool. Dit reglement kun je vinden op Zuydnet.
Lid 3
Als
(aankomend) student of extraneus kun je via het Loket Rechtsbescherming (zie
lid 1) een bezwaar aantekenen tegen de betaling van collegegeld, inschrijving,
beëindiging, graadverlening, enz. bij de geschillenadviescommissie, als je daar
belang bij hebt.
lid 4
Je kunt een klacht indienen over ongewenste omgangsvormen op basis van de Klachtenregeling Ongewenste Omgangsvormen via het klachtenloket rechtsbescherming@zuyd.nl. De regeling is in te zien op Zuydnet.
lid 5
Je kunt
een klacht indienen over bijvoorbeeld overige gedragingen en procedures van of
door een medewerker, een student, of een orgaan van de hogeschool op basis van
de regeling Ombudsvoorzieningen Zuyd Hogeschool. Dit kan via het Loket
Rechtsbescherming (zie lid 1) bij de Ombudsman. In de regeling
Ombudsvoorzieningen staat om welke klachten het kan gaan. Deze regeling is in
te zien op Zuydnet.
lid 6
Als je
een beroep, klacht of bezwaar indient op grond van dit artikel en de regelingen
die hierbij genoemd worden, hou je het recht om tentamens af te leggen voor de
opleiding, mits je bent ingeschreven voor deze opleiding.
5 Opleiding
5.1 Doel van de opleiding
De doelstelling van het oude curriculum (cohort 2018-2019) is het opleiden tot succesvolle beginnende beroepsbeoefenaars voor commercieel georiënteerde (management) functies. De opzet van het onderwijs wordt gekarakteriseerd door het centraal stellen van de student en zijn professionele en persoonlijke leer- c.q. ontwikkelproces. Vanaf 2018-2019 (het nieuwe curriculum) heeft de opleiding als doel om binnen het (eu)regionale MKB studenten op te leiden tot de commerciele spin in het web met een sterke focus op digitalisering . Het fundament van de opleiding is gebaseerd op 4 beroepsrollen: De marketingcommunicatiespecialist, de sales-& accountmanager, de marketeer en de ondernemer.
5.2 Opleidingsprofiel
De opleiding is gebaseerd op het Landelijk Opleidingsprofiel Bachelor Commerciële Economie.
5.3 Eisen voor de beroepsuitoefening
Als je een opleiding volgt voor een beroep, waaraan eisen in de wet zijn gesteld aan verworven competenties voor de beroepsuitoefening, dan word je binnen de opleiding in de gelegenheid gesteld om aan die vereisten te voldoen, binnen de nominale studiebelasting.
5.4 Toelating
lid 1
Je wordt toegelaten tot de opleiding, waarbij de regels uit de Regeling Toelating en Inschrijving Zuyd Hogeschool gelden. Deze regeling is in te zien via www.zuyd.nl.
lid 2
Via de website www.zuyd.nl vind je een verwijzing naar jouw eigen opleiding. Daar staat alle informatie over waar je aan moet voldoen om aan de opleiding toegelaten te worden. Ook staat daar wat je mogelijkheden zijn en wat je kunt doen als je niet aan de toelatingseisen voldoet, maar toch aan de opleiding wilt worden toegelaten.
5.5 Varianten
lid 1
Je kunt de opleiding alleen in de variant van voltijdonderwijs volgen.
lid 2
Je kunt de opleiding van 240 EC in een verkorte variant van 3 jaar volgen. Deze variant is beschreven in deel 2.
5.6 Afstudeerrichtingen
lid 1
Je kunt aan de opleiding de volgende afstudeerrichting(en) volgen:
niet van toepassing
lid 2
Niet van toepassing.
lid 3
Niet van toepassing.
5.7 Voertaal
lid 1
De voertaal van de opleiding is Nederlands.
lid 2
Het is mogelijk dat een onderwijseenheid wordt aangeboden in een andere taal dan de voertaal van de opleiding, bijvoorbeeld vanwege de herkomst van een (gast)docent. Als een andere taal wordt gehanteerd is dit altijd vermeld bij de beschrijving van de betreffende onderwijseenheid in deze OER. Ook wordt de reden voor het hanteren van deze taal beschreven.
lid 3
Bij alle onderwijs dat in een andere taal wordt uitgevoerd dan het Nederlands, geldt de Gedragscode Voertaal. Deze gedragscode is in te zien op Zuydnet.
5.8 Extra kosten
lid 1
Voor je inschrijving aan de opleiding als student mag enkel collegegeld worden gevraagd.
lid 2
Om de opleiding te kunnen volgen word je geacht bepaalde onderwijsbenodigdheden aan te schaffen. Hiervoor komen naar verwachting de volgende kosten voor jouw rekening:
Om de opleiding te kunnen volgen word je geacht bepaalde onderwijsbenodigdheden aan te schaffen. Hiervoor komen naar verwachting de volgende kosten voor jouw rekening:
Gehele studie: Aanbevolen laptop (zie lijst studiematerialen) +/- € 500
Jaar 1
- studieboeken +/- € 400
- computerprogramma SPSS +/- €10
- computerprogramma Parallels for Mac +/- €36
Jaar 2
- studieboeken +/- € 500
Jaar 3
- studieboeken +/- € 200
Jaar 4
- studieboeken +/- € 200
lid 3
Zogenaamde onderwijsvoorzieningen (denk aan excursies en werkbezoeken) kunnen onderdeel uitmaken van je onderwijsprogramma. Hier kunnen voor jou kosten aan verbonden zijn. In Moodle bij het betreffende blok kun je vinden om welke activiteiten het gaat en wat daarbij de kosten zijn. Als je de kosten voor deze activiteiten, niet kan of wil maken, dan word je een gelijkwaardig alternatief aangeboden.
lid 4
Als je kunt aantonen dat er voor jou persoonlijke en bijzondere omstandigheden zijn, waardoor je de kosten voor onderwijsbenodigdheden of -voorzieningen niet kunt dragen dan kun je een schriftelijk verzoek indienen bij de directeur om een financiële voorziening of een ontheffing van de betalingsverplichting. De directeur beslist hier dan binnen 20 werkdagen over. Bij het nemen van dit besluit wint hij advies in bij de studentendecaan. Het besluit wordt binnen deze 20 werkdagen schriftelijk aan je medegedeeld.
lid 5
Er mag in geen geval een financiële vergoeding aan jou gevraagd worden voor het inschrijven of de deelname aan tentamens en hertentamens.
6 Onderwijs
6.1 Start van de opleiding
De opleiding start op 1 september 2021
6.2 Major en minor
lid 1
De opleiding heeft een major van ten minste 120 EC. De omvang van de major wordt weergegeven in hoofdstuk 1 van deel 2, zo nodig per afstudeerrichting.
lid 2
Je hebt het recht om minstens 1 minor te volgen, binnen de reguliere studiebelasting van je opleiding, om je te profileren. De studiebelasting van een minor is 15 EC.
lid 3
Naast minoren, kan het zijn dat je opleiding ook keuzemodules aanbiedt. Deze vallen buiten de major van je opleiding, maar binnen de 240 EC van de totale opleiding. Het verschil met een minor is dat deze niet uit 15 EC hoeft te bestaan.
6.3 Contacturen
In de propedeuse zijn tenminste 504 contacturen geprogrammeerd bij de variant van voltijdonderwijs.
6.4 Praktische oefeningen en aanwezigheidsplicht
lid 1
Binnen het onderwijs kunnen er één of meer
onderwijseenheden zijn die de status ‘praktische oefening’ hebben. Bij
praktische oefeningen moet je denken aan practica of werkcollege's. Stages zijn
geen praktische oefeningen. Alle praktische oefeningen worden in deel 2
hoofdstuk 1 als zodanig vermeld. Bij een praktische oefening kan een examinator op
basis van observatie van jouw handelen tot een beoordeling komen. De directeur
bepaalt welke onderwijseenheden praktische oefeningen zijn.
lid 2
Bij een praktische oefening kan aanwezigheidsplicht
geëist worden in de volgende gevallen:
- de examinator kan alleen door observatie van jouw leerproces of voortgang van de leeractiviteit tot een beoordeling komen;
- je bent in je leerproces of voortgang van de leeractiviteit afhankelijk van de persoonlijke aanwezigheid van medestudenten en vice versa.
Aanwezigheidsplicht is vastgelegd in deel 2 hoofdstuk 1.
lid 3
Als aanwezigheidsplicht deel uitmaakt van de beoordeling, dan vindt de beoordeling van jouw aanwezigheid plaats op het niveau van een deeltentamen.
6.5 Minoren
lid 1
In Osiris vind je de onderwijscatalogus. Hierin kun je vinden welke minoren en keuzemodules je kunt volgen.
lid 2
Als je een minor wilt volgen waarvan in de onderwijscatalogus is vastgelegd dat hij toegankelijk is voor jou, heb je hier verder geen toestemming voor nodig.
lid 3
Wanneer je een minor binnen of buiten de hogeschool wilt doen, waarvan niet is vastgelegd dat die toegankelijk is voor jou, dien je vooraf toestemming te vragen aan de Examencommissie om deze minor te volgen.
lid 4
Door middel van inschrijving in Osiris leg je jouw keuze voor het volgen van een minor of keuzemodule vast. Je krijgt per e-mail een bevestiging van je inschrijving. Op Zuydnet vind je een beschrijving van de inschrijvingsprocedure.
lid 5
Als je niet geplaatst kunt worden in een minor, omdat het maximaal aantal plaatsen overschreden is of het minimum aantal plaatsen niet gehaald is, word je in de gelegenheid gesteld om je in te schrijven voor een andere minor.
6.6 Externe opdracht
lid 1
De directeur kan besluiten om je uit te nodigen om een externe opdracht uit te voeren als alternatief voor één of meer onderwijseenheden van de opleiding.
lid 2
De Examencommissie van je opleiding beslist of de externe opdracht deze onderwijseenheden kan vervangen. Hierbij kijkt ze in ieder geval of de inhoud, het niveau, de omvang en de organisatie van de externe opdracht reden geeft om te besluiten dat het een adequate vervanging is van de beoogde programma-onderdelen.
6.7 Studieplan
lid 1
In overleg met je studentbegeleider kun je een studieplan opstellen voor de profileringsruimte, waarin je de door jou gemaakte keuzes in je leerroute beschrijft.
Een keuze voor het volgen van een voor jou toegankelijke Zuydminor moet in alle gevallen mogelijk blijven.
lid 2
Met voorafgaande instemming van de Examencommissie kan je bij een andere onderwijsinstelling tentamen(s) afleggen. Als het tentamen bij een onderwijsinstelling in het buitenland wordt afgelegd, dient daartoe door de betrokken onderwijsinstellingen een learning agreement te zijn ondertekend.
6.8 Inschrijving postpropedeutische fase en vooruit studeren
lid 1
Je kunt alleen voor de postpropedeutische fase van de opleiding worden ingeschreven, als je in het bezit bent van een getuigschrift van het propedeutisch examen van die opleiding.
lid 2
Als je je propedeuse examen nog niet hebt gehaald en toch al tentamens wil doen van de postpropedeutische fase, kan dat alleen met toestemming van de examencommissie.
lid 3
Als je op grond van deze OER, vrijstelling hebt gekregen voor het afleggen van het propedeutisch examen van de opleiding, wordt het bewijs van die vrijstelling gelijkgesteld aan het getuigschrift voor de propedeuse. Het propedeutisch getuigschrift wordt in dat geval niet verstrekt.
6.9 Overgangsmaatregelen
Voor studenten die met een gewijzigde onderwijsregeling te maken krijgen omdat zij een bepaalde onderwijseenheid niet hebben behaald in het jaar waarin zij deze eigenlijk zouden moeten hebben behaald, geldt het volgende:
1. De student dient tentamens af te leggen over de meest actuele lesstof, dat wil zeggen de lesstof van het collegejaar waarin hij het tentamen aflegt.
2. Indien de lesstof echter substantieel is gewijzigd heeft de student recht op twee bezemtentamens, één eerste kans en één tweede kans, te benutten op het moment waarop ze door de opleiding worden aangeboden. Deze bezemtentamens hebben betrekking op de lesstof van het voorafgaande studiejaar.
Het besluit om al dan niet bezemtentamens te laten afnemen wordt genomen door de curriculumcommissie van de opleidingen Commerciële Economie en Associate Degree Commercieel Management.
6.10 Specifieke bepalingen over de deeltijd variant
Niet van toepassing
6.11 Specifieke bepalingen over de duale variant
lid 1
Niet van toepassing
lid 2
Niet van toepassing
lid 3
Niet van toepassing
7 Inrichting tentamens en examens
7.1 Tentamens en deeltentamens
Een tentamen kan bestaan uit meerdere deeltentamens. Studiepunten worden alleen aan jou toegekend als je het gehele tentamen hebt gehaald.
7.2 Herkansingen
lid 1
Je
krijgt per jaar van inschrijving minimaal één herkansing per tentamen of
deeltentamen aangeboden.
lid 2
Bij stages en langdurige externe opdrachten kan de Examencommissie een uitzondering op de regel uit lid 1 maken, wanneer het niet mogelijk is om in hetzelfde jaar van inschrijving de stage of opdracht over te doen.
lid 3
Herkansing is alleen mogelijk als:
Een student die in het tweede jaar van inschrijving zit en nog niet voldoet aan de doubleergrens (5.3 lid 2 punt 3) mag behaalde tentamens uit het onderwijsprogramma van leerjaar 1 herkansen, Het hoogst behaalde cijfer blijft staan.
7.3 Het afleggen van extra tentamens buiten het reguliere programma
lid 1
Je hebt het recht op het volgen van onderwijseenheden en het afleggen van de bijbehorende tentamens van Zuyd Hogeschool, mits je voldoet aan de toegangseisen van deze onderwijseenheden en tentamens. De toegangseisen staan beschreven in de OER waar deze onderdeel van uitmaken.
lid 2
Op lid 1 kan alleen een uitzondering worden gemaakt door de directeur waaronder een onderwijseenheid wordt aangeboden, als deze onderwijseenheid en het betreffende tentamen vallen onder:
- een opleiding die mag selecteren of een hoger collegegeld mag vragen,
- een opleiding of afstudeerrichting waarvoor je een negatief bindend studieadvies hebt gekregen,
- masteronderwijs en je geen bachelorgraad hebt,
- een numerus fixus opleiding waarvoor je niet bent toegelaten. Dit geldt zowel voor een arbeidsmarktfixus, als voor een fixus vanwege capaciteitsproblemen.
lid 3
Behaalde tentamens van onderwijseenheden die buiten het studieprogramma van 240 EC vallen, kunnen in je resultatenoverzicht worden opgenomen. De examencommissie beslist hierover. Zij beoordeelt hierbij of dit bijdraagt aan de versterking van jouw beroepsuitoefening. Je dient hiertoe een gemotiveerd verzoek in te dienen bij de examencommissie. Zij neemt binnen 10 werkdagen na ontvangst van dit verzoek een gemotiveerd besluit en deelt dit aan jou mee.
lid 4
Behaalde
tentamens buiten je eigen opleidingsprogramma tellen niet mee voor de
resultaten op grond waarvan een bindend studieadvies kan worden gegeven.
7.4 Beoordelingen
lid 1
Beoordelingen van tentamens worden door de examinatoren uitsluitend verstrekt op basis van de Nederlandse tienpuntsschaal óf op basis van daarmee in relatie staande kwalitatieve beoordelingsschaal. Voor de vergelijking van beoordelingen hanteren examinatoren de onderstaande conversietabel:
| Numeric grade / description | Alphanumeric grade | |
|---|---|---|
| 10 (>=9,5) Excellent / uitstekend | EX / EX | A - Excellent – outstanding performance with only minor errors |
| 9 (8,5=<x<9,5) Very good / zeer goed | ZG / VG | B - Very good – above the average standard but with some errors |
| 8 (7,5=<x<8,5) Good / goed | GO / GO | C - Good – generally sound work with a number of notable errors |
| 7 (6,5=<x<7,5) Satisfactory / ruim voldoende | RV / SAT | D - Satisfactory – fair but with significant shortcomings |
| 6 (5,5=<x<6,5) Sufficient / voldoende | VO / SUF | E - Sufficient – performance meets the minimum criteria |
| 0,5=<x<5,5 Fail / onvoldoende | OV / FAIL | F - Fail – further work is required |
lid 2
Je hebt een tentamen gehaald als de beoordeling (afgekapt) 5,5 of hoger is; in kwalitatieve begrippen is dit sufficient of voldoende en beter. De kwalificatie “voldaan” betekent dat je een tentamen hebt gehaald, zonder dat daar een verdere kwalificatie aan worden gegeven zoals (ruim) voldoende en goed.
lid 3
Als je één of meer hertentamens voor een onderwijseenheid hebt afgelegd, stelt de examinator het hoogst behaalde resultaat vast als het resultaat voor deze onderwijseenheid.
lid 4
De Examencommissie kent jou onverwijld je behaalde EC’s toe als de
examinator heeft beoordeeld en vastgesteld dat je een tentamen of hertentamen
hebt gehaald.
lid 5
Je moet
de tentamens van alle onderwijseenheden halen. Compensatie op het niveau van
tentamens is niet mogelijk; op het niveau van deeltentamens is compensatie wel
mogelijk.
lid 6
Je hebt het recht om de beoordeling van je tentamens in te zien en kennis te nemen van de wijze waarop de beoordeling tot stand is gekomen. Dit recht vervalt na 20 werkdagen na publicatie van het behaalde resultaat voor een tentamen.
lid 7
De
geldigheid van voor tentamens behaalde resultaten of verleende vrijstellingen
is in beginsel onbeperkt.
lid 8
De examencommissie kan besluiten om studiepunten die je minimaal 4 jaar geleden hebt behaald op basis van het resultaat van een tentamen uit een oud tentamenprogramma ongeldig te verklaren. Dit kan zij alleen besluiten als de kennis, het inzicht of de vaardigheden die in het betreffende tentamen getoetst is, aantoonbaar verouderd is en niet meer voldoet aan de afstudeereisen. De tentamens die niet meer geldig zijn worden jaarlijks opgenomen in deel 2 van deze OER.
lid 9
Iedere examinator is verantwoordelijk voor het tijdig aan de opleidingsmanager melden, wanneer de inhoud van een tentamen onder zijn of haar verantwoordelijkheid, uit een oud tentamenprogramma, zodanig verouderd is, dat de afstudeereisen niet meer gehaald worden. De examinator meldt hierbij ook de argumentatie. De opleidingsmanager legt jaarlijks per opleiding deze oude tentamens inclusief de argumentatie gebundeld voor aan de examencommissie voor het besluit zoals genoemd in lid 8.
lid 10
De opleidingsmanager is verantwoordelijk voor het vaststellen van alternatieven voor de tentamens waarvan de geldigheidsduur is afgelopen. Deze alternatieven zijn beschreven in deel 2 van deze OER.
lid 11
Enkel in specifieke gevallen kan door de opleidingsmanager, in samenspraak met de examencommissie, op voorhand de geldigheidsduur van een tentamen worden vastgelegd op basis van inhoudelijke argumenten. Indien voor één of meer tentamens de geldigheidsduur op voorhand beperkt is, wordt dat in hoofdstuk 1 van deel 2 bij het desbetreffende tentamen vermeld. Daarbij wordt tevens vermeld wat de geldigheidsduur van het tentamen is.
lid 12
In deel
2, hoofdstuk 1, van deze OER worden de tentamens uit oude tentamenprogramma’s
benoemd, waarvan de behaalde studiepunten niet meer geldig zijn. Ook wordt
aangegeven waarom ze niet meer geldig zijn, en welk tentamen behaald moet
worden om de studiepunten opnieuw te halen.
7.5 Vrijstellingen en bepalingen over EVC’s
lid 1
Om vrijstellingen te krijgen, moet je ze altijd schriftelijk aanvragen bij de Examencommissie. In artikel 1.2 lid 3 staat hoe je de Examencommisie kunt bereiken. De examencommissie bepaalt voor welke onderwijseenheden je vrijstelling krijgt. Je dient je verzoek schriftelijk te motiveren. Ook moet je bewijsstukken bijvoegen, die aantonen dat je voldoet aan de eisen voor desbetreffende onderwijseenheid.
lid 2
De Examencommissie kan vrijstelling verlenen voor het afleggen van één of meer tentamens of examen als je al aan de vereisten van dat tentamen of examen hebt voldaan.
lid 3
Je kunt
vrijstelling krijgen op grond van eerder gehaalde tentamens of examens, of van
elders buiten het hoger onderwijs opgedane competenties. Je krijgt die
vrijstelling van de examencommissie. Deze commissie geeft bij het verlenen van
de vrijstelling een onderbouwing.
lid 4
Je kunt geen vrijstelling krijgen voor een afstudeerwerkstuk/-onderzoek. Als afstudeerwerkstuk/-onderzoek geldt:
Voor de studenten uit het cohorten 2018-2019 en eerder betreft dit de credits uit de onderwijseenheid: Afstudeerstage. Voor studenten vanaf het cohort 2019-2020 zijn dit de credits uit de onderwijseenheden learning community (Koers bepalen en business development) en de afstudeerstage
lid 5
Als je vrijstelling hebt gekregen, krijg je van de Examencommissie een schriftelijk bewijs van de vrijstelling, dat ten minste de datum van verlening, desbetreffende tentamen(s) en de geldigheidsduur vermeldt.
lid 6
Je kunt vrijstellingen krijgen op basis van een ervaringscertificaat als:
- de in het ervaringscertificaat beschreven verworven competenties qua niveau en inhoud ten minste gelijkwaardig zijn aan de competenties van de onderwijseenheden waarvan wordt overwogen het tentamen vrij te stellen;
- het ervaringscertificaat per competentie het niveau en de inhoud bewijst;
- het ervaringscertificaat afkomstig is van een erkend aanbieder van competentiemetingen;
- het ervaringscertificaat niet ouder is dan vijf jaar.
lid 7
Als je de graad Associate degree van de opleiding Associate degree van de opleiding Commercieel Management van Zuyd Hogeschool toegekend hebt gekregen, kun je vrijstelling krijgen voor:
de volgende onderwijseenheden uit het curriculum van de bacheloropleiding commerciele economie:
Leerjaar 1: Alle onderwijseenheden in de blokken marketingcommunicatie, Sales, Marketing en Ondernemerschap
Leerjaar 2: Alle onderwijseenheden in het semester studentcompany behalve de onderwijseenheid: Vaardigheid 2: Engels
Leerjaar 3: De onderwijseenheid: Stage leerjaar 3
7.6 Organisatie van tentamens en examens
lid 1
Examinatoren
en andere bij een tentamen betrokkenen bewaren volstrekte geheimhouding ten
aanzien van de opgaven en opdrachten van een schriftelijk tentamen, totdat deze
zijn uitgereikt aan de studenten.
lid 2
Je legt een schriftelijk tentamen af onder toezicht van ten minste één examinator of een daartoe aangestelde surveillant, die namens hem het toezicht uitoefent. Alle overige tentamens worden onder toezicht van ten minste één examinator afgelegd.
lid 3
Je dient je bij het afleggen van een tentamen te kunnen identificeren middels één van de volgende originele en geldig identiteitsbewijzen: een collegekaart van Zuyd (mag ook digitaal via Osiris getoond worden), een rijbewijs, een ID-kaart of een paspoort. Als dit niet mogelijk is, word je direct uitgesloten van deelname en doet de examinator of surveillant daarvan melding aan de voorzitter van de Examencommissie.
lid 4
Je
dient bij het afleggen van een tentamen alle aanwijzingen op te volgen van de
Examencommissie, de examinator of andere door de Examencommissie aangewezen
personen. Overtreding daarvan geldt als een onregelmatigheid en op grond
daarvan kun je van (verdere) deelname worden uitgesloten.
lid 5
In deel
2 hoofdstuk 2 is de tentamenregeling opgenomen die voor je opleiding geldt.
Overtreding daarvan geldt als een onregelmatigheid en op grond daarvan kun je
van (verdere) deelname worden uitgesloten.
lid 6
Je hebt
recht op bekendmaking van vastgestelde beoordelingen van tentamens binnen 15
werkdagen nadat je ze hebt afgelegd.
Alleen als er aannemelijke redenen zijn, mag deze termijn door de
opleiding worden overschreden. Je moet in dat geval daarvan zo spoedig mogelijk
in kennis worden gesteld.
lid 7
Tussen
het moment van de uitslag van een tentamen en het hertentamen van eenzelfde onderwijseenheid liggen
tenminste 5 werkdagen. Voorafgaand aan het hertentamen moet aan jou de
mogelijkheid van inzage zijn geboden van een eerder afgelegd tentamen of
hertentamen.
lid 8
De
examencommissie kan de resultaten van een (deel)tentamen ongeldig verklaren als
zij heeft vastgesteld dat er bij het betreffende (deel)tentamen
onregelmatigheden zijn opgetreden.
lid 9
Een (her)tentamen is altijd zo ingeroosterd, dat je in beroep kunt gaan, vóór de aanvang van jouw volgend jaar van inschrijving.
7.7 Inschrijving voor tentamens
Lid 1
Je bent automatisch ingeschreven voor een (deel)tentamen en de herkansing(en) in hetzelfde studiejaar daarvan, als je bent ingeschreven voor de Osiriscursus waar dit (deel)tentamen bij hoort. Je bent zelf verantwoordelijk voor de inschrijving voor de cursussen in Osiris. Je wordt niet toegelaten tot een tentamen of een herkansing als je niet bent ingeschreven hiervoor.
lid 2
Voor het afleggen van hertentamens van de onderwijseenheden van de major dien je je in te schrijven conform de door de Examencommissie vastgelegde inschrijvingsprocedure die is opgenomen in deel 2 hoofdstuk 2.
lid 3
Je moet
je in schrijven voor het afleggen van een (her)tentamen van een minor op
uitnodiging door de Examencommissie van de opleiding die de minor aanbiedt. Als
er slechts een beperkt aantal studenten een tentamen kan afleggen, geldt in
ieder geval dat de volgorde van inschrijving geldt voor toewijzing tot het
afleggen van het tentamen.
7.8 Bewaring tentamen- en examenwerkstukken
lid 1
De bewaartermijn van schriftelijk tentamenwerk en/of andere bewijsstukken is minimaal 60 werkdagen na vaststelling van de beoordeling door de Examencommissie of Examinator.
lid 2
De opleiding is verantwoordelijk voor het bewaren van de eindwerken. De bewaarwijze is afhankelijk van de aard van het eindwerk.
lid 3
Met het oog op het accreditatieproces van de opleiding worden de eindwerken gedurende een periode van ten minste zeven jaar bewaard. Na afloop van de bewaartermijn wordt het werk vernietigd of op je eigen verzoek aan jou geretourneerd.
lid 4
Het bewijs
dat je een tentamen hebt gehaald wordt 10 jaar bewaard.
lid 5
Bewijsstukken
voor het verstrekken van een getuigschrift bewaart de directeur gedurende een
periode van ten minste 50 jaar. Deze omvatten ten minste: jouw
persoonsgegevens; de opleiding en datum van het propedeutisch examen dat met
goed gevolg is afgelegd; de opleiding en datum van het afsluitend examen dat
met goed gevolg is afgelegd.
lid 6
Bewijsstukken voor het verstrekken van een verklaring zoals bedoeld in artikel 6.4 bewaart de directeur gedurende een periode van ten minste 10 jaar. Het betreft jouw persoonsgegevens; de opleiding en jouw periode van inschrijving; een overzicht van de met goed gevolg afgelegde tentamens.
7.9 Fraude en Onregelmatigheden
Wat onder fraude en onregelmatigheden valt en wat de consequenties daarvan zijn, wordt geregeld in het fraudereglement.
7.10 Bijzondere voorzieningen
lid 1
Als je
te maken hebt met persoonlijke en bijzondere omstandigheden kun je een beroep
doen op bijzondere of extra voorzieningen voor het afleggen van tentamens en
examens.
lid 2
Onder persoonlijke en bijzondere omstandigheden wordt verstaan:
- zwangerschap of (langdurige) ziekte;
- handicap of chronische ziekte;
- bijzondere familieomstandigheden, te weten: de verzorging van een langdurig zieke bloedverwant of binnen eigen kring; dan wel het bestaan van langdurige psychische en/of sociale problemen al dan niet gepaard gaande met daaruit voortvloeiende financiële problemen in eigen kring;
- lidmaatschap van de CMR, studentencommissie of Academieraad of andere door het College van Bestuur te bepalen activiteiten, die de student ontplooit in het kader van de organisatie en het bestuur van de hogeschool;
- bestuurslidmaatschap van een stichting gericht op instandhouding van studentenvoorzieningen of een daarmee naar het oordeel van het College van Bestuur gelijk te stellen taak, waarvoor aanvullend als eis geldt bestuurlijke (eind)verantwoordelijkheid plus een betekenisvol tijdsbeslag;
- bestuurslidmaatschap van een door het College van Bestuur of de directeur erkende studentenorganisatie met direct belang voor hogeschool en organisatie-eenheden daarbinnen plus de eis van een betekenisvol tijdsbeslag;
- een onvoldoende studeerbare opleiding;
- topsport door het beoefenen van een erkend topsportonderdeel of een vergelijkbare activiteit op het (inter-)nationaal hoogste niveau;
- andere omstandigheden die door het College van Bestuur of de directeur als bijzondere omstandigheden worden aangemerkt.
lid 3
Als je beroep wilt doen op persoonlijke en bijzondere omstandigheden, kun je in de regeling Studeren met een functiebeperking vinden hoe je dit kunt doen en welke regels dan gelden. Deze regeling kun je vinden op Zuydnet.
lid 4
Als
jouw persoonlijke en bijzondere omstandigheden permanent of chronisch van
karakter zijn, kan de Examencommissie je voorzieningen toekennen voor jouw
gehele inschrijvingsduur voor de betreffende opleiding. Ook hierbij gelden de
bepalingen uit de Regeling studeren met een functiebeperking.
7.11 Overmacht en andere persoonlijke omstandigheden
Als je door overmacht of andere persoonlijke omstandigheden verhinderd bent om deel te nemen aan een tentamen en je dit tentamen alsnog wil afleggen in jouw lopende jaar van inschrijving, moet je hiertoe zo spoedig mogelijk een verzoek aan de Examencommissie indienen. Hierbij moet je aangeven wat de aard van de overmacht of de bijzondere omstandigheden is of zijn. De Examencommissie beslist binnen 15 werkdagen over dit verzoek.
8 Studentbegeleiding, studievoortgang en studieadvies
8.1 Studentbegeleiding
In deel 2 van deze OER is beschreven hoe de studentbegeleiding van de opleiding is ingericht.
8.2 Bewaking studievoortgang
lid 1
Je kunt een overzicht van je tentamenresultaten inzien in Osiris. Hierin kun je ook de bewijsstukken inzien van je studievoortgang. De directeur is verantwoordelijk voor een correcte weergave van je studievoortgang.
lid 2
In je eerste jaar van inschrijving is het bijhouden van je studievoortgang ook belangrijk voor je studieadvies. Daarom rapporteert de opleiding in dat jaar tijdig aan jou over die studievoortgang conform de Regeling Studieadvies Zuyd Hogeschool. De directeur is er verantwoordelijk voor dat deze rapportage klopt. De rapportage is als volgt geregeld:
Voor 1 september 2022 wordt de eerstejaars student door de opleidingsmanager van de academie in kennis gesteld van de regeling studie-advies en mogelijke consequenties voor het vervolg van de studie.
In dit bericht zijn de volgende aspecten opgenomen:
a) een beschrijving van de regeling en het effect op het vervolg van de studie;
b) een studieplan voor het collegejaar 2022-2023
c) een uitdrukkelijk aanbod van studiebegeleiding;
d) Mits nodig: het advies contact op te nemen met de studentendecaan.
lid 3
Als je meent dat de studievoortgangsrapportage onjuist of onvolledig is, dien je binnen 20 werkdagen schriftelijk bezwaar aan te tekenen bij de Examencommissie.
8.3 Studieadvies
lid 1
In de Regeling Studieadvies Bachelor Zuyd Hogeschool is de verstrekking van het studieadvies in het eerste jaar uitvoerig beschreven. Deze regeling is in te zien via Zuydnet.
lid 2
Aan het einde van je eerste jaar van inschrijving krijg je een studieadvies, voor deeltijd-opleidingen kan dit op een ander moment zoals beschreven in deel 2 van deze OER. Dit advies is gebaseerd op de behaalde resultaten in het eerste jaar. Dit advies kan de volgende uitkomsten hebben:
1. Je mag door naar de postpropedeutische fase van de opleiding, als je je propedeuse hebt behaald.
2. De examencommissie geeft jou toestemming om onderwijseenheden van de postpropedeutische fase te volgen en de bijbehorende tentamens af te leggen als
A) Tussen de 40 en 59 EC behaald zijn binnen het propedeuseprogramma van de opleiding
en
B) Twee kennistoetsen uit de propedeuse van de opleiding zijn behaald waarvan minimaal 1 kennistoets uit blok 3 of 4.
3. Als je niet voldoet aan de eisen genoemd bij punt 2, bepaalt de opleiding het vervolg van je studietraject
Als de student geen 60 EC haalt in de propedeuse, dan wordt het vervolg van de opleiding vastgelegd in een studieplan. Dit studieplan wordt bepaald door de opleiding en bevat de studieroute (blokken) die de student moet volgen in het collegejaar 2022-2023.
4. Je mag niet aan de postpropedeutische fase van de opleiding beginnen als je niet aan onderstaande eisen voldoet. Je krijgt dan de kans om onderdelen uit het eerste jaar die je nog niet hebt behaald over te doen.
30 EC behaald in het propedeuse programma van de opleiding
5. Als je studieresultaten uit de propedeuse daar aanleiding toe geven kun je het dringend advies krijgen om met de opleiding te stoppen.
lid 3
Instroom naar de postpropedeutische fase vindt plaats op 1 september
9 Getuigschriften en verklaring
9.1 Examens
lid 1
Je hebt het propedeutische examen gehaald als je alle tentamens van de propedeutische fase hebt gehaald. De Examencommissie stelt vast of dit het geval is en besluit dan tot uitreiking van het getuigschrift.
lid 2
Je hebt het afsluitend examen gehaald, als je alle tentamens die bij de opleiding horen hebt gehaald. De Examencommissie stelt vast of dit het geval is en besluit dan tot uitreiking van het getuigschrift.
lid 3
De Examencommissie kan van lid 1 en 2 afwijken. Ze kan dan zelf een onderzoek instellen naar jouw kennis, inzicht en de vaardigheden.
9.2 Getuigschriften
lid 1
Als je een tentamen hebt gehaald reikt de examinator als bewijs daarvoor een bewijsstuk uit of hij neemt het resultaat van dat tentamen met de bijbehorende beoordeling op in Osiris.
lid 2
Als je het propedeutisch examen hebt gehaald verstrekt de Examencommissie een bewijsstuk hiervan. Hierop staat ten minste: de naam van de opleiding (zoals vermeld in CROHO), de examenonderdelen en de datum van de laatste accreditatie van de opleiding of toets nieuwe opleiding. Het bewijsstuk is minimaal ondertekend door de directeur en de voorzitter van de Examencommissie.
lid 3
Als je het afsluitend examen hebt gehaald verstrekt de Examencommissie een getuigschrift hiervan. Hierop staat ten minste: de naam van de opleiding (zoals vermeld in CROHO), de examenonderdelen en, als dit voor jouw opleiding geldt, welke wettelijke bevoegdheid daaraan is verbonden, de graad die erbij hoort en de datum van de laatste accreditatie van de opleiding of toets nieuwe opleiding. Het getuigschrift is minimaal ondertekend door de directeur en de voorzitter van de Examencommissie.
lid 4
De directeur verleent jou namens het College van Bestuur de graad en toevoeging ‘Bachelor of Science’ als je het afsluitend examen hebt gehaald. Aan de graad wordt een vermelding toegevoegd van het vakgebied of het beroepenveld, waarop de graad betrekking heeft.
lid 5
Het getuigschrift wordt gedateerd op de dag waarop de Examencommissie heeft vastgesteld dat je het afsluitend examen hebt gehaald. Deze dag geldt als het moment van afstuderen. Pas als de directeur heeft verklaard dat het mag, geeft de Examencommissie het getuigschrift af.
lid 6
Het getuigschrift wordt aangevuld met een Diploma Supplement waarvan hieronder een model is opgenomen.
Diploma Supplement
This Diploma Supplement follows the model developed by the European Commission, Council of Europe and UNESCO/CEPES. The purpose of the supplement is to provide sufficient independent data in order to improve the international "transparency" and fair academic and professional recognition of qualifications (diplomas, degrees, certificates etc.) for academic and professional purposes. It is designed to provide a description of the nature, the level, the context, the contents and the status of the studies that were pursued and successfully completed by the individual named on the original qualification to which this supplement is appended. The supplement does not give any value judgement, statement on equivalence or suggestions as to recognition. Information is provided on all of the eight sections. If this should not be the case, the reason for not including the sections concerned will be given.
1. Information identifying the holder of the qualification
1.1 Last name
1.2 First name(s)
1.3 Date of birth (dd/mm/yyyy)
1.4 Student identification number
2. Information identifying the qualification
2.1 Name of qualification and (if applicable) title conferred (in original language)
2.2 Main field(s) of study for the qualification
2.3 Name and status of awarding institution (in original language)
2.4 Name and status of institution (if different from 2.3) administering studies (in original language):
2.5 Language(s) of instruction/examination
3. Information on the level and duration of the qualification
3.1 Level of the qualification
3.2 Official duration of programme in credits and/or years
3.3 Access requirement(s)
4. Information on the programme completed and the results obtained
4.1 Mode of study
4.2 Programme learning outcomes
4.3 Programme details, individual credits gained and grades/marks obtained
4.4 Grading system and, if available, grade distribution table
4.5 Overall classification of the qualification (in original language)
5. Information on the function of the qualification
5.1 Access to further study
5.2 Access to a regulated profession (if applicable)
6. Additional information
6.1 Additional information
6.2 Further information sources
7. Certification of the supplement
7.1 Date
7.2 Signature
7.3 Capacity
7.4 Official stamp or seal
8. Information on the national higher education system
9.3 Cum laude
Op het getuigschrift wordt 'cum laude' vermeld als:
Op het getuigschrift wordt 'cum laude' vermeld als:
- De examenkandidaat elk individueel (deel)tentamen (exclusief deeltentamens uit minoren) uit leerjaar 2 en leerjaar 3 heeft behaald met minimaal het cijfer 7,0 (of Ruim voldoende).
- De examenkandidaat elke individueel (deel)tentamen uit leerjaar 4 heeft behaald met minimaal het cijfer 8,0 (of Goed).
- Per toets maximaal 2 kansen heeft benut.
- de nominale studieduur van het reguliere programma niet is overschreden.
- de student voor minder dan 20% van het maximaal aantal credits te behalen in de hoofdfase (180 Ects) vrijstelling heeft verkregen. De vrijstellingen worden bij de beoordeling ‘’cum laude’’ buiten beschouwing gelaten.
De student aan wie door de examencommissie een maatregel is opgelegd waarbij aan die student
het recht is ontnomen om één of meer tentamens of examens aan de instelling af te leggen, kan
geen rechten doen gelden op het judicium “Cum Laude”.
9.4 Verklaring
Als je meer dan één tentamen hebt gehaald, maar geen getuigschrift kunt krijgen, kun je bij de Examencommissie om een schriftelijke verklaring vragen, waarin de tentamens en bijbehorende EC's zijn vermeld die je gehaald hebt. Dit zal dan aan jou worden verstrekt. In paragraaf 1.2 lid 3 staat beschreven hoe je de Examencommissie kunt bereiken.
10 Slotbepalingen-vaststelling & wijziging-evaluatie
10.1 Afwijken van de OER (Hardheidsclausule)
Als door toepassing van deze OER jouw belang gedurende jouw inschrijving aan de opleiding onevenredig wordt geschaad, kun je een schriftelijk verzoek indienen bij de Examencommissie tegen deze toepassing van de regeling op jou. De Examencommissie neemt binnen 15 werkdagen een besluit en weegt daarin jouw belang af tegen het belang van de opleiding. Zij stelt jou daarvan schriftelijk in kennis.
10.2 Onvoorziene omstandigheden
In gevallen waarin deze regeling niet voorziet en onmiddellijke beslissing noodzakelijk is, wordt een besluit genomen door het daartoe bevoegde orgaan. Indien het bevoegde orgaan de Examencommissie is zoals bij tentamens of examens, kan het besluit in dit geval door de voorzitter worden genomen.
10.3 Afwijken van de OER i.v.m. Covid-19
Indien het Servicedocument HO of vergelijkbare documenten van de Rijksoverheid hier aanleiding toe geven kan er afgeweken worden van deze OER. Hiervoor is een besluit tot afwijking door het College van Bestuur noodzakelijk.
Als aan deze voorwaarden is voldaan kan de opleidingsmanager concrete afwijkingen op deze OER vastleggen in een addendum. Hiervoor is instemming nodig van de Academieraad. Indien het bevoegde orgaan de Examencommissie is zoals bij tentamens of examens, wordt dit besluit door de Examencommissie genomen. De Academieraad wordt in alle gevallen geïnformeerd.
10.4 Vaststelling en wijziging
lid 1
Vaststelling van deze OER gebeurt voor 1 juli 2021 door de academiedirecteur. De vaststelling heeft de instemming van de academieraad nodig.
lid 2
Wijziging
van deze OER is gedurende de looptijd ervan niet mogelijk.
lid 3
Deze onderwijs- en examenregeling treedt in werking vanaf 1 september 2021 en kan worden aangehaald als: OER Bachelor Commerciële Economie 2021-2022.
10.5 Evaluatie
De academiedirecteur draagt zorgt voor regelmatige evaluatie van de OER, om de kwaliteit hiervan te bewaken en zo nodig de studielast bij te stellen. Bij de evaluatie kijkt hij minimaal naar het tijdsbeslag voor de studenten dat uit deze OER voortvloeit.
11 DEEL 2
12 Inhoud van programma en tentaminering
12.1 Beschrijving van het opleidings- en tentamenprogramma
De opleiding Commerciële Economie
De opleiding Commerciële Economie (CE) is gestart in studiejaar 2018-2019 en is ontstaan uit de opleiding Commercieel Management. De opleiding Commercieel Management is na de landelijke herordening van croho’s opgegaan in CE. We hebben ervoor gekozen de opleiding Commercieel Management jaarlijks uit te faseren. De opleiding CE groeit langzaam in en kent daarom twee varianten.
De CE studenten in leerjaar 4 (instroomcohort 2018-2019) volgen een curriculum gebaseerd op het toenmalig beroeps –en opleidingsprofiel met een set van 11 competenties.
De CE studenten in de leerjaren 1 t/m 3 (vanaf instroomcohort 2019-2020) volgen een curriculum gebaseerd op het nieuwste CE beroeps –en opleidingsprofiel met 4 leeropbrensten (CE NIEUW). Beide curricula zijn hieronder beschreven.
In de navolgende curriculumbeschrijvingen wordt gebruik gemaakt van de volgende afkortingen:
Werkvormen
ALO: Action learning opdracht
HC: Hoorcollege
Leertaak: Onderwijstaak volgens probleem gestuurd onderwijs
SLB groep: Groepsbijeenkomst studieloopbaanbegeleiding/ studentbegeleiding
SLB individueel: Individueel gesprek met studieloopbaanbegeleider
PRO: Praktijkbijeenkomst waar studenten aan hun opdrachten/taken werken onder begeleiding van een docent.
Spreekuur: Inloopuur voor studenten
Training: Training
WC: Werkcollege
IC: Instructiecollege
Intervisie: Intervisiebijeenkomst
Game: Computersimulatie
Legenda behorend bij de leeropbrengsten van de leerjaren 1 t/m 3:
In de afbeelding op de volgende pagina staat in schemavorm het profiel van de CE’er afgebeeld.
De leeropbrengsten zijn: Koers bepalen, waarde creëren, Business development en Realiseren. Daarnaast is inzicht in de markt van essentieel belang in het profiel en de skills set in de buitenring.
Afbeelding 1: Profiel CE’er
Legenda behorend bij de competenties van leerjaar 4:
Competenties
- Ondernemerschap: Initiëren, creëren en realiseren van producten en diensten, zelfstandig en ondernemend
- Marktonderzoek: het opzetten, uitvoeren, interpreteren, toetsen en evalueren van marktonderzoek
- Bedrijfs- en omgevingsanalyse: Vaststellen voor een onderneming van enerzijds de sterktes en zwaktes op basis van een analyse van de interne bedrijfsprocessen en –cultuur, als onderdeel van de waardeketen, en anderzijds van de kansen en bedreigingen op de lokale, nationale en/of internationale markt op basis van relevante nationale en internationale trends.
- Marketing: Het ontwikkelen van marketingbeleid voor een (internationale) onderneming en het kunnen onderbouwen van gemaakte keuzes.
- Marketing: Het opstellen, uitvoeren, bijstellen en evalueren van plannen vanuit het marketingbeleid.
- Het onderhouden van zakelijke relaties ten behoeve van inkoop, verkoop en dienstverlening
- Communiceren in minimaal 1 vreemde taal en daarbij rekening houden met cultuur verschillen.
- Marketingcommunicatie: Het on- en offline communiceren met marketingdoelgroepen
- Leidinggeven aan een project, bedrijfsonderdeel, bedrijfsproces of bedrijf.
- Interpersoonlijk: De directe communicatie met de partijen in het commerciële werkveld.
- Intrapersoonlijk: De communicatie die een persoon met zichzelf voert als professional in het commerciële werkveld
Commerciële Economie (Instroomcohort 2018-2019)
Doel van de opleiding
De doelstelling van de opleiding Commerciële Economie is het opleiden tot succesvolle beginnende beroepsbeoefenaars voor commercieel georiënteerde (management) functies. De opzet van het onderwijs wordt gekarakteriseerd door het centraal stellen van de student en zijn professionele en persoonlijke leer- c.q. ontwikkelproces.
Beschrijving van het programma
De opleiding Commerciële Economie heeft een nominale studieduur van 4 jaar met een omvang van 240 European Credits (EC’s). Deze credits zijn evenredig verdeeld over de vier studiejaren (= 60 EC’s per studiejaar).
Leerjaar 1 en 2 zijn voor elke student Commerciële Economie bachelor voltijd identiek. Hier wordt een brede basis gelegd vanuit de vakgebieden Commerciële Economie, Small Business, Algemene Economie, Bedrijfseconomie, Recht, Onderzoek/Statistiek, Commerciële vaardigheden, Management en Organisatie en Studieloopbaanbegeleiding/ Managementvaardigheden. Aan het einde van leerjaar 2 kiest de student zijn uitstroomprofiel. Hierbij kan hij kiezen uit de profielen Marketing, Small Business, Retailmanagement en Doorstroom Universiteit.
Het gehele curriculum ziet er als volgt uit:
| Profiel | Blok 1 | Blok 2 | Blok 3 | Blok 4 | |
| Jr 1 | Ondernemerschap 1 | Ondernemerschap 2 | Externe Communicatie | Klant oriëntatie | |
| Jr 2 | Sales | Stage | Onderzoek | Strategische Marketing Planning | |
| Jr 3 | Marketing | Stage | Stage/minor | Account management | Communicatie & PR |
| Small Business | Stage | Stage/minor | Leidinggeven & HRM | Inkoop, Logistiek & Retail | |
| Retail Management | Stage | Stage/minor | Ondernemerschap & MKB management | Innovatief Ondernemer- schap | |
| Doorstroom Universiteit | Account management | Marketing & Nieuwe Media | Stage | Strategisch Marketing Management | |
| Jr 4 | Marketing | Marketing & Nieuwe Media | Strategisch Marketing Management | Afstuderen | Afstuderen |
| Small Business | Marketing & Nieuwe Media | Strategisch Marketing Management | Afstuderen | Afstuderen | |
| Retail Management | Marketing & Nieuwe Media | Strategisch Marketing Management | Afstuderen | Afstuderen | |
| Doorstroom Universiteit | Afstuderen | Afstuderen | Doorstroomminor | Doorstroominor |
Studiehouding
De opleiding verwacht van de studenten een professionele studiehouding. De opleiding is ervan overtuigd dat aanwezigheid en participatie bijdraagt aan het te realiseren doel: competentie ontwikkeling, die zichtbaar wordt in behaalde tentamenresultaten. Het uitgangspunt is dat in alle bijeenkomsten de voorbereiding en de inbreng van de student van belang is voor het leereffect van de individuele student alsook de groep.
Commerciële Economie (Vanaf instroomcohort 2019-2020)
Doel van de opleiding
De doelstelling van de opleiding Commerciële Economie is het opleiden tot de commerciële spin in het web met een focus op digitalisering. Ons MKB zoekt ondernemende medewerkers die ervoor zorgen dat het bedrijf de volgende stap kan zetten richting de digitale toekomst.
Beschrijving van het programma
De opleiding Commerciële Economie heeft een nominale studieduur van 4 jaar met een omvang van 240 European Credits (EC’s). Deze credits zijn evenredig verdeeld over de vier studiejaren (= 60 EC’s per studiejaar).
In leerjaar 1 staan de 4 beroepsrollen van de Commerciële econoom centraal. Dit zijn de marketingcommunicatiespecialist, Salesmanager, Marketeer en Ondernemer. Per blok vindt een verdieping plaats in een beroepsrol vanuit de relevante vakgebieden, aan te leren vaardigheden en daarbij horende beroepsprakijk. Leerjaar 2 is opgedeeld in twee grote thema’s, nl. Student Company en Strategische Internationale Marketing. In het thema Student Company richten studenten in kleine groepjes een eigen bedrijf op. De tweede helft van leerjaar 2 staan grote, internationale organisaties centraal waarbij strategische keuzes moeten worden onderbouwd. Leerjaar drie is een jaar van keuzeruimte (Om te mogen starten met leerjaar 3 dient de student 60 EC uit leerjaar 1 en 2 te hebben behaald), waarin 20 weken stage wordt gelopen en er 2 minoren worden gekozen.
In leerjaar 4 starten studenten binnen communities. Dit zijn samenwerkingsverbanden tussen studenten, bedrijven, docenten en lectoraat om zo actuele vraagstukken uit onze beroepspraktijk op te lossen. Schematisch ziet dit er als volgt uit:
| Blok 1 | Blok 2 | Blok 3 | Blok 4 | |
| Lj. 1 | Marketingcommunicatie | Sales | Marketing | Ondernemerschap |
| Lj. 2 | Student Company | Student Company | Stategische Internationale Marketing | Strategische Internationale Marketing |
| Lj. 3 | Stage/ minor | Stage/ minor | Stage/minor | Stage/minor |
| Lj. 4 | Community | Community | Afstuderen | Afstuderen |
Doorstroom naar de Universiteit Maastricht
Door in de minorkeuze ruimte 2 doorstroomminoren te volgen krijgt de student toegang tot een aantal Masters aan de universiteit Maastricht.
Versneld traject voor VWO’ers
De versnelde opleiding Commerciële Economie heeft een nominale studieduur van 3 jaar met een omvang van 240 European Credits (EC’s). Dit programma (propedeutische en postpropedeutische fase) komt overeen met het 4-jarige programma van de bacheloropleiding commerciële economie.
Bij toelating tot de propedeutische fase van het 3-jarige VWO traject wordt de student tevens toegelaten tot de postpropedeutische fase van de bacheloropleiding commerciële economie waardoor versnellen mogelijk wordt.
Omdat een VWO’er een betere basis heeft door zijn vooropleiding gaan wij ervan uit dat hij een grotere studielast per jaar aan kan. Dit krijgt vorm in onderstaand programma:
| Blok 1 | Blok 2 | Blok 3 | Blok 4 | Credits | |
| Lj. 1 | Marketingcommunicatie (propedeuse) en Student Company | Sales (propedeuse) en Student Company | Marketing (propedeuse) en Student Company | Ondernemerschap (propedeuse) en Student Company | 90 |
| Lj. 2 | Strategische Internationale Marketing en Learning Community | Strategische Internationale Marketing en Learning Community | Stage | Stage | 75 |
| Lj. 3 | Minor en Learning Community | Minor en Learning Community | Afstuderen | Afstuderen | 75 |
Om toegelaten te worden tot het verkorte traject dient de aankomende student een positief advies te ontvangen uit het intake-gesprek.
Programma instroom vanuit de Associate Degree Commercieel Management
Er bestaat een instroommogelijkheid vanuit de Associate Degree Commercieel Management naar de hoofdfase van de bachelor opleiding Commerciële economie. Vereiste voor instroom in de hoofdfase van de bachelor is het volledig en succesvol afronden van de Associate Degree. Eerder mag de student niet starten in het bachelortraject.
Instroom in de hoofdfase van de bachelor is enkel aan het begin van het studiejaar mogelijk. Het studieprogramma voor studenten die vanaf het cohort 2018-2019 zijn ingestroomd in de associate degree opleiding commercieel management, is in onderstaande tabel weergegeven.
| Doorstroom AD-Bachelor | Semester 1 | Semester 2 |
| 2021-2022 | Strategische internationale marketing | Minorruimte + Engels |
| 2022-2023 | Learning community + Engels | Afstudeerstage |
Studiehouding
De opleiding verwacht van de studenten een professionele studiehouding. De opleiding is ervan overtuigd dat aanwezigheid en participatie bijdraagt aan het te realiseren doel: competentie ontwikkeling, die zichtbaar wordt in behaalde tentamenresultaten. Het uitgangspunt is dat in alle bijeenkomsten de voorbereiding en de inbreng van de student van belang is voor het leereffect van de individuele student alsook de groep. Studiehouding en de ontwikkeling tot commercieel professional zijn volgens de opleiding nauw verbonden. Dit komt met name terug in de brede set aan CP-skills waar de student aan werkt en specifiek binnen deze set de ontwikkeling van en het getoonde verantwoordelijkheidsbesef.
12.1.1 Jaaroverzicht van onderwijseenheden
Commerciële Economie (Instroomcohort 2018-2019)
In onderstaande tabellen staan de onderwijseenheden weergegeven die aankomend jaar worden aangeboden binnen de verschillende uitstroomprofielen voor het instroomcohort 2018-2019.
Uitstroomprofielen Marketing, Small business en Retailmanagement,
| Jaar: | 4 | |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Onderwijseenheid | Aantal EC | Toe-gek. in blok* | Blok | Te verwerven competenties | Werkvorm(en) | Afw. taal? | Toegangseis | Aanw. plicht | Contact-uren | |||||
| 1 | 2 | 3 | 4 | |||||||||||
| Marketing en nieuwe media (M&NM):
| 15
8 3 2
2 | 1 | C4 Marketing strategie en beleid, C5 Planning en uitvoering, C7 Communicatie, C8 Marketingcommunicatie, C9 Leiderschap en management, C10 Interpersoonlijk, C11 Intrapersoonlijk | HC, WC, Training, SLB individueel, SLB groep | nee | n.v.t. | nee | 68 | ||||||
| Strategisch Marketing Management (SMM):
| 15 6 7
2 | 2 | C1 Ondernemerschap, C2 Onderzoek, C3 Bedrijfs- en omgevingsanalyse, C4 Marketing strategie en beleid, C5 Planning en uitvoering, C7 Communicatie, C8 Marketingcommunicatie, C10 Interpersoonlijk, C11 Intrapersoonlijk.
| HC, WC, SLB individueel, SLB groep
| nee | n.v.t. | nee | 82 | ||||||
| Afstudeerstage (AS):
| 30
| 4 | C2 Onderzoek + keuze uit C1 t/m C11, afhankelijk van de opdracht. | Intervisie | n.v.t. | Toegangseis: Na de toetsperiode van blok 1: Propedeuse behaald, stage leerjaar 3, min. 105 van de 120 credits uit leerjaar 2 en 3 CM behaald. | n.v.t. | 4 | ||||||
| Totaal/jaar | 60 | Totaal contacturen | 154 | |||||||||||
Uitstroomprofiel doorstroom universiteit
| Jaar: | 4 | |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Onderwijseenheid | Aantal EC | Toe-gek. in blok* | Blok | Te verwerven competenties | Werkvorm(en) | Afw. taal? | Toegangseis | Aanw. plicht | Contact-uren | |||||
| 1 | 2 | 3 | 4 | |||||||||||
| Afstudeerstage (AS):
| 30
| 2 | C2 Onderzoek + keuze uit C1 t/m C11, afhankelijk van de opdracht. | Intervisie | n.v.t. | Toegangseis: Propedeuse behaald, Stage leerjaar 3, min. 75 van de 120 credits uit leerjaar 2 en 3 CM behaald.
| n.v.t. | 4 | ||||||
| Doorstroomminor deel 1 | 15 | 3 | n.v.t.
| n.v.t.
| n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. | ||||||
| Doorstroomminor deel 2
| 15
| 4 | n.v.t.. | n.v.t. | n.v.t. | Alle credits van doorstroomminor deel 1 moeten zijn behaald. | n.v.t. | n.v.t. | ||||||
| Totaal/jaar | 60 | Totaal contacturen | 4 | |||||||||||
Commerciële Economie (Vanaf instroomcohort 2019-2020)
In onderstaande tabellen staan de onderwijseenheden weergegeven die aankomend jaar worden aangeboden in leerjaar 1 en 2 van de opleiding (de cohorten 2019/2020 en 2020/2021).
Beknopte weergave van het curriculum leerjaar 1:
| Onderwijseenheid | Doel | Onderdelen | EC |
| Blok 1: Marketingcommunicatie | De student leert een aantal kerntaken en vaardigheden vanuit de beroepsrol de marketingcommunicatiespecialist. In dit blok staat Realiseren, waarde creëren, ontwikkelen van inzicht en de skills van de commerciële professional centraal.
| Praktijk: Klantprofiel, marketingcommunicatiestrategie, online/offline campagne | 6 |
| Kennis: Marketingcommunicatie – consumentengedrag* | 5 | ||
| Vaardigheid: Digital | 4 | ||
| Blok 2: Sales | De student leert een aantal kerntaken en vaardigheden vanuit de beroepsrol de salesmanager. In dit blok staat Realiseren, waarde creëren, ontwikkelen van inzicht en de skills van de commerciële professional centraal.
| Praktijk: Customer journey, E-commerce, CRM | 6 |
| Kennis: Sales – consumentengedrag -commerciele calculaties* | 5 | ||
| Vaardigheid: Verkoopvaardigheden | 4 | ||
| Blok 3: Marketing | De student leert een aantal kerntaken en vaardigheden vanuit de beroepsrol de marketeer. In dit blok staat Koers bepalen, business development, ontwikkelen van inzicht en de skills van de commerciële professional centraal.
| Praktijk: Marketingstrategie, Marketingmix, SWOT analyse | 6 |
| Kennis: Marketing - Trendwatching* | 5 | ||
| Vaardigheid: Managementvaardigheden, Engels | 4 | ||
| Blok 4: Ondernemerschap | De student leert een aantal kerntaken en vaardigheden vanuit de beroepsrol de ondernemer. In dit blok staat Koers bepalen, Business development, ontwikkelen van inzicht en de skills van de commerciële professional centraal.
| Praktijk: Optimalisering, Innovatie, Event | 7 |
| Kennis: Ondernemerschap - Management & Organisatie* | 5 | ||
| Vaardigheid: Studieloopbaanbegeleiding, Digital | 3 |
* Een onderdeel van de kennistoetsen in leerjaar 1 is de ‘tussentoets’. Dit is een vrijwillige onderwijsactiviteit waarin de student 0,5 bonuspunt kan halen. Deze onderwijsactiviteit wordt tijdens een cursus slechts eenmaal aangeboden, een herkansing is niet mogelijk. Deze onderwijsactiviteit is een van de formatieve activiteiten die de opleiding hanteert om het leren te stimuleren (speerpunt 2+4 binnen de toetsvisie).
Beknopte weergave van het curriculum leerjaar 2:
| Onderwijseenheid | Onderdelen | EC |
| Semester 1: Student company
Doel: In dit semester (twee blokken) gaat de student samen met medestudenten in een eigen bedrijf aan de slag om een innovatief idee te vertalen naar een product. Dit product wordt daarna op de markt gebracht en verkocht. Aan het einde van het semester wordt het bedrijf opgeheven. Om dit semester tot een succes te maken, gaat de student aan de slag in een multidisciplinaire omgeving waarin zowel alle leeropbrengsten als de verschillende beroepsrollen geïntegreerd aan bod komen op gevorderd niveau.
| Praktijk: Ondernemingsplan | 4 |
| Praktijk: Voortgangsrapportages | 6 | |
| Praktijk: Marketingcommunicatie& Sales | 4 | |
| Kennis: Geintegreerde toets ondernemerschap 1 | 3 | |
| Kennis: Geintegreerde toets ondernemerschap 2 | 3 | |
| Vaardigheid: Ondernemersportfolio | 6 | |
| Vaardigheid: Engels | 4 | |
| Semester 2: Strategische internationale marketing
Doel: In dit semester staat de rol van marketeer in een internationale context centraal. De student zal verschillende leeropbrengsten en skills met elkaar integreren maar zal vooral de koers bepalen voor een internationaal opererende organisatie. | Praktijk 1: Strategisch marketingplan Deel A: Onderzoek&Analyse
Deel B: Strategisch Marketingplan |
4
6 |
| Praktijk Managementgame | 4 | |
| Kennis: Geintegreerde toets strategische marketing 1 | 4 | |
| Kennis: Geintegreerde toets strategische marketing 2 | 4 | |
| Vaardigheid: Global skills portfolio | 8 |
Beknopte weergave van het curriculum leerjaar 3
Om te mogen starten in leerjaar 3 geldt een ingangseis van 60 EC. In leerjaar 3 mag de student zelf de volgordelijkheid van de semesters bepalen.
| Semester | Omschrijving | Credits |
| Stage leerjaar 3 | Een semester stage waarin de student waarde creert binnen een bedrijf en daarna de bijbehorende beroepsproducten realiseert. | 30 |
| Keuze semester | Keuze-onderwijs binnen de academie, de student heeft de keuze uit de blokken: * Accountmanagement * E-commerce * Brand Management * Designthinking& Intrapreneurship * Innovatief Ondernemerschap | 15 |
| Keuze-onderwijs binnen of minor buiten de academie | 15 |
12.1.2 Beschrijving van de onderwijseenheden
Het overzicht van onderwijseenheden is te vinden in bijlage 'inhoudelijke beschrijving onderwijseenheden'.
12.1.3 Praktische oefeningen
N.V.T
12.1.4 Aanwezigheidsplicht
N.V.T.
12.1.5 Herkansingen
N.V.T
12.2 Evaluatie van het onderwijs
De evaluatie van het onderwijs is op de volgende wijze vormgegeven. Op blokniveau wordt jaarlijks een blok geëvalueerd. Input voor de evaluatie wordt verkregen door kwalitatieve evaluaties met studenten en docenten en middels kwantitatieve evaluaties onder studenten. Deze input resulteert in een blokverbeterplan dat de blokcoördinator opstelt en ter goedkeuring voorlegt aan de curriculum commissie. Aanpassingen geschieden op blokniveau en worden teruggekoppeld aan de studenten en het team.
Op opleidingsniveau wordt kwantitatief met behulp van de NSE geëvalueerd. De resultaten van de NSE vormen input voor het jaarplan van de opleiding. Periodiek overleg met de academieraad zorgt voor kwalitatieve input. Al naar gelang de noodzaak/behoefte wordt er op jaarniveau/leerlijnniveau ed. geëvalueerd.
12.3 Tentamens uit oude programma’s die niet meer geldig zijn (indien van toepassing)
Overgangsregelingen voor oude programma’s staan benoemd in deel 1 van deze OER.
13 Tentamenregeling
13.1 Uniforme Tentamenregeling 2021-2022
Inschrijving
Zie deel 1, paragraaf 4.7 van deze OER, ‘Inschrijving voor tentamens’
Gedragsregels (uitgesplitst naar aard van het tentamen)
Overal waar 'tentamen' wordt gebruikt kan ook 'toets' worden gelezen.
Schriftelijk tentamen in een gezamenlijke zitting:
- Een student die niet is ingeschreven staat niet op de presentielijst en mag niet deelnemen aan het tentamen.
- De student dient zich tijdens het tentamen te kunnen legitimeren met een geldige collegekaart, identiteitskaart, paspoort, rijbewijs of via Osiris. Indien de student zich niet kan legitimeren met een van de genoemde middelen mag de student niet deelnemen aan het tentamen.
- Studenten die te laat komen, worden niet toegelaten.
- De eerste en de laatste 15 minuten van de tentamentijd mag de student het tentamenlokaal niet verlaten.
- De toetstijd start als de surveillant het ‘startschot’ heeft gegeven (dat is nadat alles is gecontroleerd en uitgedeeld).
- De student mag alleen hulpmiddelen bij zich hebben en gebruiken die vermeld staan op het voorblad van het tentamen.
- Toegestane hulpmiddelen mogen onderling niet uitgeleend worden.
- Uitwerkingen op kladpapier worden niet nagekeken.
- Alle telecommunicatiemiddelen (behoudens de door de examinator toegestane hulpmiddelen) dienen uitgezet en in de tas opgeborgen te worden. Ook is het niet geoorloofd tijdens een tentamen een uurwerk (horloge of smartwatch) te dragen.
- De student dient zich te houden aan de richtlijnen zoals vermeld op het voorblad van het tentamen (deze kunnen nooit in tegenspraak zijn met de richtlijnen in deze tentamenregeling) en aan de richtlijnen van de surveillant.
- Kladpapier moet ingeleverd worden samen met het tentamen.
- Tijdens het tentamen mogen geen inhoudelijke vragen gesteld worden.
- Drinken is toegestaan; uitsluitend uit doorzichtige flesjes/drinkbekers zonder etiket.
- Studenten die gebruik maken van een aanvullende voorziening wordt dringend geadviseerd om tenminste 15 minuten voor aanvang van de toets aanwezig te zijn.
- Toiletbezoek is toegestaan onder de volgende voorwaarden: Enkel bij toetsen die langer dan 2,5 uur duren, is toiletbezoek is toegestaan. De student mag in dat geval het lokaal uitsluitend met toestemming van de surveillant voor een toiletbezoek verlaten onder begeleiding van de daartoe aangewezen persoon.
Schriftelijke opdracht (verslagen, werkstukken, scripties, e.d.), praktijkopdracht, mondelinge tentamen of elke andere niet genoemde tentamenvorm:
- (Indien het tentamen op een vastgesteld tijdstip is ingepland:) De student mag niet te laat komen; studenten die te laat komen, worden niet toegelaten.
- Bij digitaal inleveren is het tijdstip van ontvangst leidend. Mocht digitaal inleveren aantoonbaar - en niet aan de student verwijtbaar - onmogelijk zijn, dan verwittigt de student per ommegaande de examencommissie; de student dient het bewijs van de oorspronkelijke poging tot digitaal inleveren mee te sturen.
Voor de opleiding Bachelor Commerciële Economie geldt daarnaast:
de tentamenregeling van de opleiding Ad Commercieel Management en BsC Commerciele Economie. Deze wordt gepubliceerd op Zuydnet bij de opleidingsinformatie.
Er zijn geen specifieke gedragsregels aanvullend aan de informatie die de student van de opleiding over het tentamen heeft ontvangen.
Openbaarheid mondelinge tentamens
Mondelinge tentamens zijn niet openbaar
Wijze waarop de beoordeling tot stand komt
Het Blok- of semesterboek vermeldt voor elk tentamen:
- de beoordelingscriteria;
- de wijze waarop de beoordeling tot stand komt;
- de beoordelaars (intern of extern, al dan niet onafhankelijk, een of meer beoordelaars).
Inzage
Iedere student heeft tot 20 werkdagen nadat de resultaten van een tentamen gepubliceerd zijn, het recht om de beoordeling van zijn tentamens in te zien en kennis te nemen van de wijze waarop de beoordeling tot stand is gekomen. Na de inzage blijven de uitwerkingen van een tentamen minimaal 60 dagen in beheer van de coördinator of examinator en/of zolang nodig is vanwege beroepstermijnen.
Beroep
Indien een student het niet eens is met de beoordeling, kan hij/zij in beroep gaan tegen de beslissing van de examinator bij het College van Beroep voor de Examens. De procedure hiervoor staat beschreven in het Handboek Examencommissies (zie Zuydnet).
14 Studentbegeleiding
Studentbegeleiding
Binnen de opleiding Commerciële Economie staat de begeleiding van de student tot beginnend beroepsbeoefenaar centraal. Vragen zoals ‘wie ben ik?’, ‘wat kan ik?’ en ‘wat wil ik?’ worden door de student beantwoord. Elke student heeft een studiebegeleider die gedurende 1 jaar de student begeleidt. Het traject van studentbegeleiding is vormgegeven door individuele gesprekken en groepsbijeenkomsten. Elk kwartaal heeft de student een persoonlijk gesprek met zijn studiebegeleider. Dit gesprek duurt een half uur. De student stelt voorafgaand aan het gesprek een agenda op waarin de bespreekpunten staan. De studievoortgang is een standaard gespreksonderwerp.
In elk blok vinden ook een aantal groepsbijeenkomsten SLB plaats. Tijdens deze bijeenkomsten staan verschillende onderwerpen centraal. In leerjaar 1 en 2 zijn de onderwerpen bepaald door de opleiding. Voorbeelden van onderwerpen zijn reflecteren op leerstijlen en motivatie, visie, persoonlijke leerdoelen.
Vanaf leerjaar 3 zijn het intervisiebijeenkomsten waarin de studenten zelf het onderwerp aandragen.
Nauw verweven met studentbegeleiding is de ontwikkeling van vaardigheden (skills van de commerciële professional). Bij studentbegeleiding gaat het om de persoonlijke ontwikkeling en reflecteert de student op het geleerde en de verschillende persoonlijkheidstesten die hij maakt. Tijdens de bijeenkomsten evalueert en reflecteert de student op zijn eigen vaardigheden. De student bouwt gedurende de opleiding aan een portfolio waarin zijn ontwikkeling wordt vastgelegd.
Voor de opleiding Commerciële Economie is de persoonlijke ontwikkeling van de student erg belangrijk. Een beginnend commercieel econoom is een zelfbewust persoon, die zijn sterkten en zwakten kent en in staat is zichzelf verder te ontwikkelen en ook zijn omgeving verder te brengen.